Wandelreis door de tijd

10 augustus 2020 - Hierden, Nederland

Vanmorgen vertrokken we iets later voor onze wandeling. We hadden meer moeite dan anders gehad om lichamelijk te herstellen van de inspanningen van het wandelen in de warmte dwars door een vanwege zondagsrust en hittegolf in lockdown gedompeld gebied. We waren vanmorgen het terrein van hotel de Hof van Putten nog niet af, of de stemming zat er al goed in. Een plantsoenarbeider stond de heg langs de Harderwijksestraat te snoeien en sprak ons aan: “Wat leuk dat jullie dit samen doen! En dan af en toe onderweg een pilsje drinken, dan heb je op zo’n reis rond het IJsselmeer ook aanspraak en leuke ontmoetingen!” Hoewel we nu al in de verleiding kwamen, besloten we toch maar eerst wat kilometers te maken. En een pilsje, dat drink ik pas als er niet meer gelopen hoeft te worden. Aangezien ons hotel in Putten nogal een eind van de route verwijderd was, kozen we met behulp van Google Maps een alternatieve route richting Ermelo. Dat was geen slechte keuze. We liepen langs het landhuis Oud-Groevenbeek, met een soort klein watertorentje voor de eigen watervoorziening, dat er uitzag als een kasteeltje. Johanna zegt dat zoiets een Folly wordt genoemd onder kunsthistorici: een bouwwerk dat met opzet nutteloos en bizar is. Hoewel het hier een functie had voor de drinkwatervoorziening, en het sinds Natuurmonumenten de eigendom had verworven gebruikt wordt voor huisvesting van diverse soorten vleermuizen. Even later liepen we over de paarse Groevenbeekse heide. Zo kwamen we terecht in Ermelo, en liepen we een uurtje later over het open terrein van de instelling voor verstandelijk gehandicapten ‘s Heeren Loo. Daar was een restaurantje dat onder begeleiding wordt gedreven door mensen met een beperking. We hebben daar heerlijk geluncht!

Ermelo is de plaats waar ik in mijn leven voor ‘t eerst met vakantie ben geweest. In augustus 1962, mijn vader was net begonnen met zijn eenmans tuindersbedrijfje, gingen we voor ‘t eerst met het hele gezin, pa, ma en de vijf kinderen van wie ik als oudste elf was, een weekje op vakantie naar een huisje op het bungalowpark De Toverberg in Ermelo. Halverwege de week ging mijn pa twee keer naar huis om bloemkolen te hakken en aan de veiling aan te bieden, een van die twee keer mocht ik mee naar huis om hem te helpen. Voor de band tussen vader en zoon gaf dat een mooie herinnering. Mijn vader had toen een vrachtwagentje Opel Record, rood en blauw met zo’n bolle motorkap, de twee jongsten van vier en vijf mochten bij papa en mama in de cabine, en de drie anderen, mijn broertje van zes, mijn zusje van negen en ikzelf zaten in de open achterbak, naast de fietsen en de bagage van het hele gezin. In die week hebben we als gezin veel mooie fietstochten op de Veluwe gemaakt, mijn kinderfotoboek getuigt er nog van. Twee dagtochten uit die week staan nog in mijn herinnering gegrift. Dat was een rit vanuit Harderwijk over de Knardijk, met links het water van de nog niet droog gemalen polder Zuidoost-Flevoland en rechts het nieuwe land. Op school had ik al het nodige geleerd over de Zuiderzeewerken en over het Deltaplan, dus ik heb ervan genoten, en herinner me nog bepaalde details, zoals de houten keten waar in die tijd het toekomstige Lelystad uit bestond. Ook herinner ik me nog het bloedstollende moment dat mijn broertje van zes vanaf de laadbak tijdens de rit op de Knardijk een boomtak die in de bossen van Ermelo op de auto was terechtgekomen, weggooide, rakelings over het dak heen van een luxe auto die pal achter ons reed. Een tweede dagje uit bestond uit een boottocht met een rondvaartboot vanuit Harderwijk over het IJsselmeer naar Volendam. De kapitein van onze boot begeleidde ons door een doolhof van kleine straatjes in Volendam, hij wist daar goed de weg. ‘s Avonds voeren we met de boot vanuit Volendam terug naar Harderwijk, zonder me er bewust van te zijn dat ik 58 jaar later nog eens lopend terug zou gaan van Volendam naar Harderwijk, en daar precies een week over zou doen! Pikant detail is nog, dat de Opel Record deze vakantie niet heeft overleefd: bij Sassenheim draaide de motor vast en garagehouder Luiten kwam om ons de laatste 10 kilometer naar huis in Katwijk aan de Rijn te slepen. 

Bijna twintig jaar later, in 1980, zijn we met het hele gezin, de aanhang en de kleinkinderen voor zover toen al verliefd, respectievelijk geboren, nog eens terug geweest naar de Toverberg in Ermelo, om te vieren dat mijn ouders 30 jaar getrouwd waren. Dierbare herinneringen, tegen de achtergrond dat ook dat inmiddels 40 jaar geleden is, en dat pa en ma er beiden al jaren niet meer zijn!

Inmiddels lopen we weer langs de Zuiderzee! Het gaat Harderwijk goed in deze tijd, met, langs de dijk gemeten, kilometers lange nieuwbouwwijken, met een brede grasstrook en diverse inhammen vanwaar kinderen, moeders (het is vandaag maandag), enkele vaders en veel opa’s en oma’s verkoeling kunnen vinden in of naast het water. Druk fietsverkeer erlangs, en wij natuurlijk. Zo komen we in het oude centrum. We bezoeken de Grote Kerk, een prachtige, nu Hervormde kerk, voorheen Rooms-Katholiek, maar al voor de beeldenstorm in 1566 protestants geworden. De prachtige muurschilderingen van de heiligen zijn toen slechts overgeverfd, door de eeuwen heen in totaal wel twintig keer, en de protestanten van nu zijn er zeer trots op dat dit alles er weer prachtig uitziet. De gids vertelt ons dat Harderwijk in de late middeleeuwen een rijke Hanzestad was, en later, tot de aanleg van de Afsluitdijk, rijkdom heeft verworven met de visserij. We lopen dan ook het oude stadscentrum richting de haven uit door de Vischpoort, met in het plaveisel vele zilverkleurige metalen visjes. We vervolgen de tocht, het wordt wederom steeds warmer, lopen door de noordelijke wat oudere wijken, en bereiken door prachtig coulissenlandschap het dorpje Hierden met even daar voorbij het kasteeltje Essenburgh, waar we voor vannacht een kamer hebben gereserveerd. Inmiddels is het 32 graden.

Onze wandelreis door de tijd krijgt vandaag nog een bijzonder tintje door een telefonisch interview met een medewerkster van een omroepblad. Zij wil drie portretten schrijven van drie pensionado’s over de vraag hoe mensen hun tijd vullen na hun pensionering en hoe zij omgaan met de levensfase die begint na je actieve werktijd, misschien eigenlijk je laatste levensfase. Men was op ons pad gekomen  aanleiding van onze pelgrimstocht naar Rome, kort na ons beider pensionering. “Het wandelen houdt ons gezond”, was het motto van mijn verhaal. Daar had ik ruim een half uur voor nodig om dat allemaal uit te leggen. “Heel mooi, maar hoe krijg ik dit nou allemaal in een stukje van niet meer dan 200 woorden?”, verzuchtte mijn interviewer. Kijk, dat is nou het heerlijke verschil tussen werken en met pensioen zijn, ik hoef me van al die beperkingen niets meer aan te trekken!

6 Reacties

  1. Elisabeth:
    11 augustus 2020
    En zo is het
  2. Marjo:
    11 augustus 2020
    Knap hoor met deze temperatuur deze mooie route te lopen..
    Geniet erban
  3. Sophie Bloemert:
    11 augustus 2020
    Kijk nou, nog meer sweet memories! En niet alleen bij Arie! De Knardijk, het nog niet droge Flevoland, de Grote Kerk van Harderwijk (misschien liepen jullie over de Stationslaan langs mijn oude middelbare school Chr. College Nassau-Veluwe) en nog zo wat. En jullie slapen in de Essenburgh! Dat moet wel goed zijn. Ook al blijft het nog even warm. Heb het goed daar!
  4. Sophie Bloemert:
    11 augustus 2020
    Nog even een nabrander voor vandaag: mijn oog valt vanachter mijn bureau opeens op een artikel, dat ik in februari jl. uit de Letter&Geest-bijlage van TROUW scheurde: een boekbespreking van EENS GING DE ZEE HIER TEKEER - het verhaal van de Zuiderzee en haar kustbewoners, geschreven door Eva Vriend (boerendochter uit Luttelgeest). Eerder schreef zij al over de inpoldering van Flevoland (Het nieuwe land). Beide boeken heb ikzelf nog niet gelezen. Het knipsel bewaarde ik evenwel niet voor niets. In elk geval ook om jullie op te attenderen, zo blijkt vandaag. Geen boeken meesjouwen in de rugzak, maar iets voor na de wandeling misschien? Groetjes!
  5. Wim Jacobs:
    11 augustus 2020
    Als ik dronken ben kan ik het de hele Zuiderzeeballade zingen. Nuchter ken ik de tekst niet.
    Zuiderzee ballade
    Sylvain Poons, Oetze Verschoor
    Opa, kijk ik vond op zolder
    'N Foto van een ouwe boot
    Is dat nog van voor de polder
    Van die oude vissersvloot
    Jochie, dat is een gelukkie
    Ik was dat prentje jaren kwijt
    'K Heb nu weer een heel klein stukkie
    Van die goede ouwe tijd
    Daar is het water, daar is de haven
    Waar j'altijd horen kon "we gaan aan boord"
    De voerman laat er nou paarden draven
    En aan de horizon leit Emmeloord
    Eens ging de zee hier tekeer
    Maar die tijd komt niet weer
    Zuiderzee heet nou IJsselmeer
    Een tractor gaat er nou greppels graven
    'K Zie tot de horizon geen schepen meer
    Kijk, die jongeman ben ikke
    Ja, ikke was de kapitein, hehe
    Hiero, en die grote dikke
    Ja, dat moet malle Japie zijn
    Opa, en die blonde jongen
    Vooraan bij de fokkeschoot
    Opa, zeg nou wat
    Die jongen is je ome, die is dood
    In 't…
  6. Arie Haasnoot:
    12 augustus 2020
    Dankjewel. Jammer dat de tekst afbreekt. Had nu nog maar een borrel extra genomen...

Jouw reactie